Geen onderwerp waar ouders zich zo schuldig over voelen als schermtijd. Er zijn richtlijnen, en die worden in vrijwel elk gezin overschreden. Hieronder wat de adviezen zeggen, en waarom de discussie over minuten misschien niet de belangrijkste is.
De richtlijnen per leeftijd
- Onder 2 jaar: liever helemaal geen schermtijd. Een baby haalt er niets uit wat hij niet beter uit spelen, praten en voorlezen haalt.
- 2 tot 4 jaar: zo beperkt mogelijk, als richtlijn maximaal een half uur per dag, verdeeld over de dag.
- 4 tot 8 jaar: maximaal ongeveer een uur per dag.
- 8 tot 10 jaar: maximaal ongeveer anderhalf uur per dag.
Videobellen met opa en oma valt hier meestal buiten: dat is echte interactie en werkt anders dan passief kijken.
Waarom die grenzen er zijn
Voor jonge kinderen gaat het minder om schade door het scherm zelf, en meer om wat er níet gebeurt in die tijd. Slapen, bewegen, met de handen ontdekken en gesprekken met een volwassene: dat is waar een jong brein van groeit. Elk half uur scherm is een half uur waarin dat niet gebeurt.
Daarnaast speelt slaap een rol. Schermgebruik in het uur voor bedtijd maakt inslapen aantoonbaar moeilijker, door het licht en door de opwinding.
Wat meer uitmaakt dan de klok
- Wat er op het scherm staat. Een aflevering van een rustig programma is iets anders dan een eindeloze stroom korte filmpjes die automatisch doorspeelt. Autoplay uitzetten is een van de effectiefste maatregelen die er is.
- Of je erbij zit. Samen kijken en er iets over zeggen verandert passief kijken in iets waar een kind van leert.
- Of het bewust gekozen is. Een half uur waar je kind naartoe leeft is iets anders dan een scherm dat de hele middag aan staat op de achtergrond.
- Wanneer op de dag. Aan tafel en in het uur voor bed zijn de twee momenten waarop het het meeste kost.
- Hoe het eindigt. Een scherm dat midden in iets wordt afgepakt geeft ruzie. Een aflevering afmaken, of vooraf zeggen hoeveel er nog is, scheelt het meeste gedoe.
Praktische afspraken die werken
- Schermvrije plekken: de eettafel en de slaapkamer. Die twee alleen al schelen enorm.
- Schermvrije momenten: tijdens het eten, het eerste uur na school, en het laatste uur voor bed.
- Laad telefoons buiten de slaapkamer op. Ook die van jou.
- Kies inhoud vooraf in plaats van er tijdens het kijken over te onderhandelen.
- Gebruik een timer die het kind zelf kan zien, in plaats van dat jij degene bent die stopt.
- Kijk naar je eigen gedrag. Kinderen kopiëren wat ze zien, en een ouder die aan tafel op zijn telefoon kijkt heeft een lastige uitgangspositie.
En als het even meer is?
Een zieke week, een lange autorit, een dag waarop het gewoon niet lukt: daar gaat niets van kapot. Het gaat om het gemiddelde over weken, niet om één dag. Als er verder genoeg wordt bewogen, geslapen, gespeeld en gepraat, is een uitschieter geen probleem.
Merk je dat je kind moeilijker slaapt, sneller boos wordt bij het stoppen, of dingen laat liggen die het eerst leuk vond? Dan is dat een betere reden om iets aan te passen dan het getal op de klok.
