De koffers moeten in, en dan komt de vraag: ben ik nou echt niets vergeten? Met kinderen komt er een laag bovenop de gewone vakantievoorbereiding. Hieronder de dingen die er echt toe doen, van zonbescherming tot de papieren die je aan de grens nodig hebt.
Zonbescherming
De huid van een kind verbrandt sneller dan die van een volwassene, en herstelt minder goed. Dat geldt zeker aan het begin van de vakantie, als de huid nog nergens aan gewend is.
- Gebruik minimaal factor 30, in zuidelijke landen factor 50, en smeer royaal.
- Smeer een half uur voor je naar buiten gaat en herhaal elke twee uur, en altijd na het zwemmen.
- Baby’s in het eerste jaar blijven uit de directe zon. Ook in de schaduw kan een babyhuidje verbranden, want zand en water weerkaatsen de straling.
- Kleding werkt beter dan crème. Een UV-shirt in het water en op het strand scheelt enorm bij kinderen die uren blijven spelen.
- Vermijd de volle zon tussen 12 en 15 uur.
- Een pet of hoedje met rand en een zonnebril met echte UV-filter horen erbij.
De reis zelf
- Vertrek als het jullie uitkomt, niet als de reisgids het zegt. Voor sommige gezinnen werkt ’s nachts rijden perfect, voor andere is dat een garantie op ellende.
- Plan meer pauzes dan je nodig denkt te hebben. Elke twee uur even eruit is voor een kind geen luxe.
- Autostoel controleren. Zit de gordel goed, is de stoel nog groot genoeg, en klopt de bevestiging in een huurauto ook?
- Neem eten en drinken mee dat geen rommel maakt, en een extra set kleren binnen handbereik.
- Wagenziekte? Vooraan zitten kan niet, maar naar buiten kijken in plaats van naar een scherm helpt wel. Een raampje open ook.
Als je kind ziek wordt
Neem een kleine reisapotheek mee: paracetamol in de juiste dosering voor het gewicht van je kind, ORS voor bij diarree, pleisters, een thermometer, een pincet voor teken en splinters, en wat je kind normaal gebruikt.
Regel voor het buitenland een Europese verzekeringspas of check je reisverzekering. En zoek voordat je gaat even op waar het dichtstbijzijnde ziekenhuis zit. Dat kost vijf minuten en scheelt paniek als je het nodig hebt.
Papieren
- Elk kind heeft een eigen paspoort of identiteitskaart nodig, ook een baby. Bijschrijven in het paspoort van een ouder kan al lang niet meer.
- Reis je alleen met je kind, of heeft je kind een andere achternaam dan jij? Neem dan toestemming van de andere ouder mee, plus een kopie van diens identiteitsbewijs. Er bestaat een standaardformulier voor.
- Neem het vaccinatieboekje mee bij verre reizen, en check ruim op tijd of er extra vaccinaties nodig zijn.
En verder
- Neem het vertrouwde mee. De knuffel, het slaapzakje, het boekje van thuis. In een vreemd bed maakt dat het verschil.
- Verwacht een paar slechte nachten. Andere omgeving, ander ritme, warmer. Dat trekt meestal na twee of drie dagen bij.
- Plan minder dan je zou willen. Eén ding per dag is met jonge kinderen een volle dag.
- Bij water: houd toezicht. Een kind kan in ondiep water en in stilte verdrinken. Spreek af wie er kijkt, en wissel dat expliciet af.
